Laurens van Doorn

Laurens van Doorn

"Of het interview wat eerder kan", vraagt Laurens van Doorn. Dinsdag is zijn schooldag en om 10.15 uur moet hij een rekentoets maken. Op de andere dagen werkt Laurens mee aan de bouw van 27 appartementen in de Laan der Bronstijd in het project Horzak in Oss.

Tegelijkertijd wordt gewerkt aan een particuliere woning die qua constructie en afwerking nogal wat bijzonderheden heeft. "De gevel van de woning heeft verfijnd weggewerkte elementen", vertelt Laurens. "De carport kent een bijzondere constructie. En alles aan dit huis heeft een speciale maatvoering. Bij deze woning moet ik echt alles zelf inmeten. Het komt allemaal heel erg precies. Mijn rekentoets is dus belangrijk, want in dit werk blijkt wel weer hoe goed je moet kunnen meten en rekenen."

Laurens zit zijn eerste Revabo-jaar en volgt de opleiding timmeren niveau 2. Nu al weet hij dat hij straks doorgaat naar niveau 3. Want volgens Laurens willen de meeste grote bouwbedrijven dat hun mensen minimaal op niveau 3 zijn opgeleid. En hij wil straks graag alle kans hebben op een goede baan. Liefst bij bouwbedrijf Wagemakers; het bedrijf waar hij nu zo goed het vak leert.

Laurens werkt graag met zijn handen en geniet er echt van om mee te werken aan een mooi eindplaatje. Als kleine jongen ging hij vaak met zijn vader op pad. Zijn vader is meubelstoffeerder. Laurens koos voor het beroep van timmerman. "In dit vak kun je met zo veel verschillende dingen bezig zijn", vertelt Laurens. "En ook de combinatie van leren en werken vind ik ideaal. Door nu al vier dagen te werken, wen je alvast aan het werkritme. Elke dag om 6.30 of 7.00 uur beginnen en rond 16.00 uur klaar. De dag theorie is een prettige afwisseling in de drukke werkweek. Je werkt vooral in je eigen tempo aan opdrachten die passen bij het werk waar je op dat moment mee bezig bent." Zo moet Laurens bijvoorbeeld 8 keer een maandtekening maken. Een maandtekening heeft betrekking op het werk waar je op dat moment mee bezig bent. Overstekken, funderingen uitzetten, prefabelementen, stelwerk maken... het komt allemaal voorbij. De docenten helpen je goed, maar de beroepsbegeleidende leerweg (BBL) volgen betekent toch ook dat je een hoop zelf moet doen. Al mag je natuurlijk alles vragen. Dat geldt voor school én voor het werk. Laurens: "Op het werk vraagt de leermeester mij uit te leggen wat ik aan het doen ben. Op die manier controleert hij of ik het werk goed begrijp. Als het nodig is, vult hij iets aan of legt hij het nog een keer uit. Zo leer ik het vak echt goed."